Klein mannetje

Als klein mannetje kon ik niet wachten tot de dag dat ik in lengte groter zou zijn dan haar. 
Maanden keek ik er naar uit. En zij ook. Soms stond ze in de keuken, en ik op het opstapje bij de entree. “Volgens mij is het zo ver” zei ik dan ondeugend. Hopend dat ze niets in de gaten had. Even keek ze dan verbaasd om vervolgens heel hard te lachen.

Zij nam me mee een dagje uit naar Amsterdam toen het zo ver was. We liepen naar de bushalte bij de brandweerkazerne in Amstelveen, waar we natuurlijk eerst nog even moesten kijken. Jij tilde me op zodat ik door de ruitjes van de enorme roldeuren kon kijken naar de brandweerauto’s.

We namen de bus naar het centrum, waar we precies uitstapte kan ik mij niet herinneren, wel dat we liepen door de Kalverstraat, de Nieuwedijk en allerlei stukken gracht. Die leken voor mij toen nog allemaal op elkaar. En voor sommige mensen is dat nog steeds zo.
Ik geloofde nog in sprookjes, dus wilde graag naar het paleis van de koningin. Marmeren trappen en de leuningen van goud. Ik ging door het dak heen, écht goud!? Nog in de veronderstelling dat rijkdom zich laat uiten in triviale dingen als een trapleuning. Zij nam me mee naar Magna Plaza en ‘s middags aten we pannenkoeken bij meneer pannekoek, die je toen nog zonder –n schreef.
Een dag in de stad om nooit meer te vergeten.

Toen ik twee jaar geleden de hele zomer thuis zat en niet in staat was om jou op te komen zoeken, kwam jij zonder problemen naar mij toe. Met de regio taxi liet je je moeiteloos voor de deur afzetten. Liepen we weer samen door de stad, het vondelpark en jouw oude buurt. Levendig vertelde je over de winkel van je vader op de JP Heijestraat en vol geluk zag je dat de etalage van de winkel waar jullie boven woonde nog steeds bestond.

Vandaag wordt jij 90 jaar oud. Negentig jaar. Een mensenleven. Nee, meer dan een heel leven. Ik denk aan mijn eigen 35 jaar en realiseer me dat die negentig van jou daadwerkelijk niet voor te stellen zijn. Hoe je oorlog mee maakte in Maastricht, daarna verhuisde naar Amsterdam, opa tegen kwam bij ‘de brakke grond’ en alles wat er daarna volgde en er uiteindelijk toe leidde dat ik werd geboren, zodat wij samen in Amsterdam konden zijn.

In lengte ben ik al jaren groter dan jij, maar zo groots als jij kan ik natuurlijk nooit zijn.
Je verjaardag voelt als iets bijzonder dit jaar. Ik voel blijdschap en dankbaarheid maar ben ook erg verdrietig. Ik denk aan je ogen, die ieder jaar helderder worden. Alsof het licht van je ziel steeds makkelijker zijn weg naar buiten kan schijnen. Geen plek op aarde waar ik mij zo welkom voel als bij jou. Ik kom snel naar je toe lieve oma.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *