Vakantieliefde

Vandaag precies een jaar geleden, stipt om 00:00 ‘s nachts, reed jij de huurauto zomaar pardoes in die tegemoetkomende auto. Met een kleine klap en een iets grotere schok kwamen we tot stilstand. Die klap was van de auto’s die de energie van hun snelheid abrupt kwijt waren. Die schok kwam vanuit het diepste van het universum. Alsof de sterren nog net even dat laatste tikje nodig hadden om in de juiste constellatie te gaan staan. Jij hielp ze daar gewoon een beetje bij. Zo ben jij nou eenmaal. Wereldvrouw.

We liepen naar huis. Auto in de berm geparkeerd, voor zover dat nog ging. En daar, tijdens die wandeling, resoneerde die schok pas echt goed in mij door. Ik herinner mij nog hoe fijn ik het vond om naast je te lopen. Zo’n besef dat dat ineens binnen komt. Tot die tijd vond ik je aardig, grappig, een beetje gek. Maar daar, op Ibiza, wandelenden wij onder een sterrenhemel, over een straat zonder naam. En ik had ineens gevonden waar ik zo lang naar zocht. Bono zou er een liedje over hebben gezongen. Of twee. Wist ik veel. Ik wist nog helemaal niets.

Het was ruim een uur lopen. Ik, die in de anderhalf jaar daarvoor niet verder kwam dan een blokje om en elke avond om tien uur ging slapen. Ik vond het doodeng. Maar er was licht. Die ene bijzondere dokter daar aan de Amstelveense weg, die had mij verteld om eens een hele nacht wakker te blijven. “Jij bent al lang beter, je moet even je koppie resetten. Sla maar eens een nacht je slaap over, dat gaat je goed doen.”

Daar had ik tenminste wat aan.

Ik sloeg een arm om je heen. Beetje joviaal, beetje nonchalant. Gewoon gezellig. Het komt allemaal wel goed. Geeft niks dat je net een huurauto total loss hebt gereden. Zo’n arm.

Oeps. Snel weer los laten. Wow, dat voelde spannend. Fijn ook.

Hey, wat gek, het lijkt wel een soort magneetje. Eentje waar ik nu alweer mijn arm om heen wil slaan. En we moesten nog een uur.

Die nacht keken we samen naar de sterren. Iedereen was gaan slapen. Speciaal voor ons stond er een bed buiten, een prachtig hemelbed. Alsof het een potje was waaruit een pas gepland zaadje mag gaan ontkiemen.

We praten en praten de hele nacht door. Ik hing aan je lippen, wilden ze eigenlijk ook kussen maar wist dat dat nog even niet kon. Wist ook dat ik je niet zomaar een avondje wilde kussen, dus ik voelde mijn verlangen, ademde het in, ademde ook weer uit en bleef ademloos naar je zitten luisteren.

Afgelopen weekend sliepen we samen onder de sterren. Eigenlijk sliep ik niet. Ik keek naar de sterren, de grote beer, de poolster, Cassiopeia, de melkweg, het heelal. Zijn we ineens niets meer dan twee hele kleine lieve wezentjes die daar liggen, die hier ronddartelen over deze planeet aarde. Zo piepklein in dit hele universum, voortbewogen door liefde. Bereken ik de kans dat we elkaar tegen hadden kunnen komen. Kijk ik naast me, zie ik je mooie lieve gezicht, zelfs ‘s nachts glimlach je nog steeds, ook als je slaapt.

Vanmorgen schreef ik op een heel klein briefje dat het leven met jou net een achtbaantje is. Soms zet je mijn leven op zijn kop, soms zijn we op grote hoogten en heel soms hebben we even een sleepje nodig voor de volgende rit. En al die tijd overheerst het gevoel van een onwerkelijke sensatie. Vandaag kennen we elkaar een jaar en het voelt zelfs eng om dit op te schrijven, maar ik kijk er naar uit hier nog veel meer jaren van te maken.

4 Replies to “Vakantieliefde”

  1. Mijn hart juicht!
    Je woorden voel ik tot t diepst in mijn zijn
    Zo fijn
    Samen met jou te zijn
    Te dansen, te springen, tevrijen
    De hele wereld samen te verblijen
    ❤️ Love you!
    Afke

  2. Oh heerlijke dartelende liefdesbommetjes weet het nog zo goed die nacht en die klap is het echt al weer een jaar geleden?? 🙂 🙂 🙂

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *